Nederlandse duurzaamheid

In de paarse jaren was er nog iets van stimulans voor de windmolen- en zonnecellenindustrie in ons land. Hier en daar zag je veelbelovende ontwikkelingen. De kans om een toppositie op dat gebied te verwerven was nog aanwezig.
Duitsland had zijn zonnecellenindustrie, maar die liep ver achter bij die in Israël en Australië. Dankzij vette subsidies en hun grote invloed in Brussel hield Europa de concurrentie buiten de deur en hoefde Duitsland niet te innoveren. Nederland had de kans daartussen te springen.
Maar met de komst van Balkenende verdween die industrie en haar veelbelovende patenten naar Japan. Shell kon de agenda bepalen, dus doorstoken op olie en gas tot de laatste druppel en m3 en geen cent subsidie voor alternatieve energie. We hebben er zelfs weer kolencentrales bijgekregen.
Terwijl Noorwegen hun inkomsten uit de olie belegt voor de de oliearme oudedag, geven wij onze aardgasopbrengsten deels aan Shell en deels aan Betuwelijnen en belastingverlaging voor de rijken en bedrijven zoals Shell.
Duitsland draait intussen al voor een groot deel op alternatieve energie, hoe verouderd die ook is.

En wat doet de Regering Rutte? Die komt met schaliegas. Diezelfde Regering durft te zeggen dat we aan onze kleinkinderen moeten denken. Maar toen hadden ze het natuurlijk over wat anders.

De aanleg van een stukje snelweg, net in het nieuws vanwege uitbuiting van de wegwerkers, is tekenend voor hetgeen duurzaam betekent in Nederland. Het is een prestigeproject omdat het baanbrekend duurzaam zou zijn. Zo is het verkocht. En het is bedoeld om in deze crisisjaren werkgelegenheid te creëren.
In de praktijk betekent dat dat Portugese arbeiders uitgebuit worden door Ierse koppelbazen. Dat is dan het paradepaardje van Schultz Verhaegen en dit Kabinet.

Schaliegas al net zo nodig als de JSF

Het lijkt erop dat de winning van schaliegas al net zo onontkoombaar is als de komst van de JSF. Kamp zet alles op alles om die winning erdoor te drukken.
Daarbij schuwt hij arrogante uitspraken niet: “het is volstrekt uitgesloten dat ik onderzoeken naar mijn hand zet”
Dat is ook nauwelijks nodig als je bureautjes inhuurt die je naar de mond zullen praten. Maar Ingenieuersbureau Witteveen + Bos heeft het kennelijk toch niet aangedurfd om een geheel kritiekloos rapport te schrijven en dus moest Kamp alsnog ingrijpen. Hij heeft slechts “persoonlijke beleidsopvattingen” geschrapt en dat is “absoluut een normale procedure” beweert hij.
Het blijkt dat in de samenvatting van het rapport van Witteveen + Bos negatieve conclusies zijn weggelaten. Negatief staat volgens Kamp dus gelijk aan persoonlijke opvatting (!).

Gezien de enorme hoeveelheden water die nodig zijn bij de winning van schaliegas wordt ook duidelijk waarom ons leidingwater ineens flink belast moet worden. Wen er maar aan, water wordt peperduur en na een klein ongelukje bij de winning van dat gas (waarvoor in het rapport van Witteveen + Bos wordt gewaarschuwd) is het winnen van drinkwater uit ons grondwater uitgesloten. Dat wordt kassa voor Spa.

Zie ook mijn post van 23 augustus: Kamp aan het schaliegas

Peter Voser (Shell) tegen schaliegas

Henk Kamp probeert de weg vrij te maken voor schaliegaswinning. De Verenigde Staten zouden zwemmen in het geld dankzij winning daarvan en dat wil Henk hier ook.
Uit onverwachte hoek krijgt hij nu tegenstand: Peter Voser, de bestuursvoorzitter van Shell.

Voser, die over 3 maanden afscheid neemt van Shell, heeft spijt van de 17 miljard die hij (Shell) in het Amerikaanse schaliegasavontuur heeft gestoken. Shell heeft al 2 miljard moeten afschrijven en het gaat nog zeker jaren duren voor er sprake zal zijn van winstgevendheid. Dat schaliegas is een hype zegt hij en winning is peperduur. Winning buiten de VS, zoals hier, zal waarschijnlijk nog veel duurder uitpakken denkt hij.

Arme Peter Voser, door deze opstelling begeeft hij zich in het kamp van milieu-activisten en dat is niet best. Met stip staat hij nu in het AIVD-lijstje van staatsgevaarlijke figuren. In het onlangs verschenen AIVD-rapport “Links en activisme en extremisme in Nederland” wordt nadrukkelijk gewezen op de gevaren van milieuclubs, anti-fascisten, dierenrechtenactivisten en lieden die tegen het asiel- en vreemdelingenbeleid zijn.
Dezelfde dienst doet de gevaren van extreem rechts als verwaarloosbaar af.
Een met een boom pratende prinses of deze Peter Voser zijn uiteraard veel gevaarlijker dan een gewapende neonazi die zijn mitrailleurs in een winkelcentrum leeg schiet.